Last Line of Defense: situering en doelstelling
Het Vlaams Bijeninstituut (VBI) was de eerste imkerorganisatie in Vlaanderen die actief heeft ingezet op de bestrijding van de invasieve exoot Vespa velutina nigrithorax, beter bekend als de Aziatische hoornaar.
Als enige imkerorganisatie was het Vlaams Bijeninstituut bovendien betrokken bij de totstandkoming van de Vlaamse beheerregeling rond deze soort.
In de initiële fase van de invasie lag onze nadruk op het detecteren, lokaliseren en verdelgen van nesten. Deze aanpak was gericht op het vertragen van de verspreiding en het beperken van de populatiegroei.
Naarmate de soort zich verder vestigde en de impact op bijenvolken duidelijker werd, ontstond een bredere mobilisatie vanuit de imkerij in samenwerking met overheden, onderzoeksinstellingen en non-profitorganisaties.
De coördinatie van opsporing en nestvernietiging blijft een cruciale pijler binnen het beheer maar blijkt op zichzelf onvoldoende om de negatieve effecten op de imkerij structureel te mitigeren.
De Aziatische hoornaar oefent een sterke predatiedruk uit op honingbijen. Dit leidt niet alleen tot directe verliezen maar veroorzaakt ook stress binnen het bijenvolk waardoor foerageeractiviteit afneemt en de algemene vitaliteit van het volk wordt aangetast.
In deze context is het voor imkers noodzakelijk geworden om bijkomende beschermingsstrategieën te ontwikkelen die de rechtstreekse interactie tussen predator en prooi beperken.
Momenteel wordt er door imkers op individuele basis en in diverse netwerken geëxperimenteerd met uiteenlopende beschermingsmiddelen.
Hoewel deze initiatieven getuigen van innovatie en betrokkenheid worden zij gekenmerkt door een gebrek aan coördinatie en wetenschappelijke validatie.
Dit resulteert in een gefragmenteerd kennislandschap waarbij de effectiviteit van maatregelen moeilijk te beoordelen is en investeringen door imkers niet altijd leiden tot proportionele resultaten.
Het project Last Line of Defense vertrekt vanuit de noodzaak om deze versnippering te overstijgen.
Het beoogt een geïntegreerde en evidence-based benadering van bescherming van bijenvolken te ontwikkelen.
Concreet richt het project zich op het systematisch inventariseren, analyseren en testen van bestaande en nieuwe beschermingsmaatregelen.
Door dit alles te bundelen binnen één onderzoeksframework wordt gestreefd naar het identificeren van de beste praktijken en het ontwikkelen van een coherente strategie die breed toepasbaar is binnen de Vlaamse imkerij.
De uiteindelijke doelstelling is het opstellen van een praktisch toepasbare en onderbouwde handleiding voor imkers.
Deze handleiding moet inzicht bieden in welke maatregelen effectief zijn, onder welke omstandigheden zij het best worden ingezet, en hoe zij bijdragen aan het waarborgen van ongestoorde foerageeractiviteit en de algemene gezondheid van bijenvolken.
Samenwerking met diverse actoren waaronder imkers, onderzoekers, beleidsmakers en terreinorganisaties wordt hierbij als essentieel beschouwd aangezien kennisdeling en gezamenlijke validatie cruciaal zijn voor het succes van het project.
Daarnaast besteedt het project bijzondere aandacht aan startende imkers. Observaties tonen aan dat deze groep disproportioneel wordt getroffen door de impact van de Aziatische hoornaar, wat leidt tot vroegtijdige uitval.
De combinatie van initiële investeringskosten en bijkomende uitgaven voor beschermingsmaatregelen tegen de nieuwe exoot vormt een aanzienlijke drempel.
Het project beoogt deze drempel te verlagen door, zodra effectieve oplossingen geïdentificeerd zijn, gerichte begeleiding en ondersteuning te bieden bij de implementatie ervan.
Het project Last Line of Defense werd ontwikkeld door het Vlaams Bijeninstituut, met steun van het Agentschap Landbouw & Zeevisserij van de Vlaamse overheid en met de Europese Unie.
Het project loopt in samenwerking met Honeybee Valley.
Meer informatie volgt weldra…
Met de steun van




